DAAR ZIT MUZIEK IN!

Zomaar een dag in mei. Een uitnodiging van het bestuur van De Theaterbakkerheij om eens een kijkje in de keuken te komen nemen. “Zou je het leuk vinden om een blog te schrijven over hoe de muziek en liedjes van Troje tot stand komen?” … “Ehm … even nadenken hoor want ik heb nogal een volle agenda” probeer ik voor de vorm, na één tel gevolgd door “JAAAAA COOL!!!”.

Muziek maakt vanaf zeer jonge leeftijd een groot deel van mijn leven uit, niet veel later gevolgd door theater in het algemeen. Muziek spreekt tot de verbeelding, kan beelden maken of breken, kan emoties weergeven, maar ook oproepen. Zonder muziek zou het leven maar saai zijn. Muziek maken heeft iets magisch, zeker voor iemand die geen instrument bespeelt. Net als zo’n beetje alles wordt ook de muziek bij De Theaterbakkerheij in eigen productie gemaakt, immers, de musical Troje bestaat nog niet en dus is er niks.

De vervolgvraag was “maar ga je ons dan allerlei vragen stellen of kunnen wij gewoon doorwerken?”. Ik antwoord dat ze vooral moeten doorgaan waar ze mee bezig zijn, ik observeer en stel hooguit een vraag als ik iets niet snap of als ik te nieuwsgierig word. En zo kwam het dat ik als een kind zo blij op weg ging naar René Baas en Michiel de Jong, componisten van Troje. René is eindverantwoordelijk componist. Michiel, bandleider bij de vorige productie “Titanic”, is nu mede componist, maar daarnaast ook de link tussen de componisten en de band. John de Heij is verantwoordelijk voor de teksten. Ook hij is vanzelfsprekend van de partij.

Wekelijks hebben René en Michiel contact en overleggen ze over het materiaal wat zij beiden hebben gemaakt. Vele nachtelijke uren worden gemaakt in de studio waar een overweldigende hoeveelheid snoertjes, schuifjes, knopjes en dergelijke aanwezig is. Zij krijgen van John de teksten en het script om mee te werken, het script is daarmee de basis, maar het zou ook andersom prima kunnen werken. Sferen en emoties worden verduidelijkt met kleuren in het script; ook krijgen ze informatie over wie er verwacht worden wat te gaan zingen, want John schrijft doorgaans met de stemmen van de uitvoerenden in gedachten. Eens per maand schuift John aan en bij een de van eerste van deze bijeenkomsten mag ik meegluren. Want meegluren, zo voelt het ook echt wel; een kind in de snoepwinkel, dat idee.

Waar wordt zoal aan gedacht bij het schrijven van de muziek? Aan thema’s bijvoorbeeld. Diverse groepen of plaatsen hebben hun eigen thema. Aan de muziek kun je bijvoorbeeld horen of je in Sparta bent of in Troje, of zelfs bij wie. Thema’s keren dus terug in de voorstelling, zodat het publiek ongemerkt als het ware geholpen wordt het stuk te volgen. Daarnaast worden uit nummers of thema’s zogeheten scores of underscores gehaald. Dit zijn muzieklijnen die spreekteksten ondersteunen, die als het ware ongemerkt meeliften. Maar naast ondersteunen, kunnen ze ook suggestief werken, gedachten of emoties veronderstellen bij de kijker.

Nieuwsgierig was ik eerlijk gezegd wel een beetje, of ik bijvoorbeeld ook voorproefjes te horen zou krijgen, of ze ter plekke met elkaar daar muziek zouden maken. Dat laatste bleek niet het geval. Alles was digitaal voorhanden, en ingezongen door Michiel of René. Door de vele schuifjes kan elk onderdeeltje worden ingeregeld, wel of geen vocals, of wel of geen bas etc. etc. Het eerste daarentegen … yup … ik heb twee nummers mogen horen, door mij nu even omschreven als “Die mannen” en “Sparta”. Ingezongen door hen zelf. Een paar keer wordt een nummer teruggeluisterd en er wordt gediscussieerd over een aantal punten. Sterke dingen worden benoemd en waar bijvoorbeeld teksten niet lekker “bekken” op de muziek, gaat John zich op een later moment over de tekst buigen. Tijdens de discussies blijkt ook, en dat verraste mij wel, dat nummers nog kunnen worden verplaatst in de voorstelling. Het script is nog maar voorlopig definitief. Erg belangrijk blijkt bijvoorbeeld hoe het publiek wordt meegenomen qua emotie, of de pauze in wordt gestuurd. Het is dus allemaal nog behoorlijk flexibel en aanpasbaar.

Na een uur verlaat ik de zolderkamer. Een ervaring rijker en een uur aan indrukken die in mijn hoofd nog een plek moet krijgen. Ik pleeg een telefoontje, stuur een appje en merk dat ik een grijns op mijn gezicht heb. Voel me vereerd dat ik hier bij heb mogen zijn en … het liefst was ik helemaal niet weggegaan. Dat hoefde ook niet van de heren, maar ja, plicht roept helaas. Wat een enorm coole blik in de keuken van Troje. En in die keuken: daar zit muziek in!